Bescheiden vorderingen in een soms tegengewerkt onderzoek

Ik geniet inmiddels enige bekendheid hier in de buurt.

Helaas niet als ‘de auteuse van dé blog over Hamburg’, maar als ‘die malle tante die altijd met een camera op haar knieën ligt om Altbau en Stolpersteine te fotograferen’. Die troela die opveert bij iedere oude krant en iedere splinter historische informatie die ze vindt.

Nuja, je moet ergens beginnen, nietwaar?

Bovendien sta ik toch liever bekend als ‘die malle tante met de camera enzovoorts’, dan als ‘heur uit Denemarken‘. (Waar ik vandaan kom sta ik verdorie gewoon bekend als ‘heur uit Hamburg’!)

Ik wil nu eenmaal alles weten over mijn Stadtteil, en over ons huis in het bijzonder. In mijn vrije tijd speur ik dus als een ware detective in archieven, of doe ik daar ten minste pogingen toe. Zwaartepunt van mijn graaftochten ligt op het moment bij de Tweede Wereldoorlog, omdat dat letterlijk en figuurlijk het donkerste gat is in de geschiedenis van Hamburg/Altona/ons huis.

Bommenwerpers Hamburg

Vorderingen in het archief

Nu, daar kunnen we op zich vrij kort over zijn, die zijn er namelijk nauwelijks. De vriendschap met mijn nieuwe beste vriend in het Stadtteilarchiv blijkt niet zonder complicaties. De grootste complicatie is hierbij dat hij vooral graag praat over zijn eigen prestaties, en mijn werk wil zien, maar verder op het archief zit alsof het de kroonjuwelen bevat en ik een inbreker ben. Erg opschieten doet dat dus niet en erg bevorderlijk voor mijn humeur is het ook niet. Het is dus tijd voor een Plan B, dat bestaat uit de historische musea van Hamburg en hun bibliotheken.

Ik wilde bijvoorbeeld erg graag een kaart zien waarop de Kriegsschäden na het bombardement van 1943 (Operation Gomorrha) weergegeven waren. Die kreeg ik uiteindelijk ook te zien van de Archivdude, maar ik mocht hem in geen geval openbaar maken. Aangezien het gewoon gaat om een stadsplattegrond uit 1943 met markeringen vermoed ik zo dat er andere instanties zijn die minder moeilijk doen, maar tot die tijd kan ik je geen andere indruk van de schade geven dan middels deze uiterst vakkundig door mijzelf gemarkeerde kaart:

Hamburg bombardementen uiterst vakkundig weergegeven - Standort Hamburg

Ik geef onmiddellijk toe dat de kaart wat, eh, schematisch, geworden is, en dat er ook in het noorden en westen nog meer platgegooid is, maar zo krijg je een idee. Van St. Georg en Hamm (oosten) was zoals je ziet bijna niets meer over. Slechts een paar straten zijn gespaard gebleven.

De haven was het belangrijkste doelwit van de operatie: daar bevond zich het hart van de Hamburgse economie én een belangrijk deel van de Duitse oorlogsindustrie. Een groot stuk van St. Pauli heeft de bombardementen niet overleefd, en ook het zuidelijke deel Altona-Alstadt (aan de haven) is zwaar beschadigd geraakt. De noordelijkere Altstadt van Altona is er nog wonderbaarlijk goed vanaf gekomen, en ook in Ottensen ‘viel de schade mee’. (Voor zover je kunt spreken van ‘meevallen’ als bijna de helft van het woongebied van de stad van de kaart geveegd is.)

Hamburg Eilbek 1943

Dit soort beelden maken me erg treurig… al die mooie Altbauhuizen die er niet meer zijn of waarvan alleen de gevel nog bestaat…. (Oh ja, en mensen, mensen ook…) Tegelijkertijd ben ik natuurlijk zeer in mijn nopjes dat ons huis in een stukje Altona staat dat de oorlog wonderlijk goed doorgekomen is en ons huis daarom dit jaar zijn 150e verjarie viert.

Op de bovenste foto zie je Stadtteil Eilbek (Hamburg-Oost), op de foto hieronder het gebied rondom U-Bahn station Rödingsmarkt (Hamburg-Altstadt).

USAAF Hamburg Rödingsmarkt 1945

Als ik me niet vergis is/was onderstaand Stadtteil Wandsbek:

Hamburg 1943 DPA

Vorderingen buiten het archief

Gelukkig is er buiten het archief wel degelijk sprake van (zij het bescheiden) vorderingen:

De Uni Hamburg is zo goed geweest het gros van de Adressbücher te digitaliseren en online beschikbaar te maken.
Even leek het erop dat een bewoner die in ons huis een kleine woning huurde in 1938 het hele huis kocht. Dat is opmerkelijk, en dat zou op grond van het jaartal tamelijk verdacht zijn: het zou erop kunnen wijzen dat de koloniaalwarenhandelaar die eigenaar van het huis was van Joodse afkomst was, en de huurder/nieuwe eigenaar een van de schurken was die kort voor de oorlog Joodse eigenaren voor een appel en een ei hun huizen afhandig maakten.
De adresboeken vertellen echter een ander verhaal, namelijk dat de koloniaalwarenhandelaar de oorlog als huiseigenaar overleeft, en dat de huurder van de kleine woning pas in de jaren ’50 het huis overneemt. Wonderbaarlijk en nieuwsgierigmakend is dat verhaal nog steeds – hoe heeft hij dat hele huis gekocht?? -, maar het is niet zo verdacht meer.

Ik heb mijn Hamburger Architekturführer, boek dat ik al maanden kwijt was weer teruggevonden (hoe me dat gelukt is, dat ding kwijtraken in mijn huis, geen idee, maar Hauptsache is, het is weer terecht en het bevat een schat aan informatie en een fijne literatuurlijst).

De allerverheugendste vordering is echter dat ik mijn huisbaas heb weten te begeistern voor mijn kroniek en de geschiedenis van het huis, en dat ze heeft toegezegd me te vertellen wat ze weet en me de documenten te laten zien die er nog zijn. En dat, vrienden, is toch echt een reden om te zeggen: hoej! En joechei.

Hamburg, Freie und Hansestadt U.B.z.: die Zerstörung im Hamburger Hafen. Hamburg wurde durch britisch-amerikanische Bombenangriffe, besonders im Juli-August 1943, zu über 50% zerstört Aufnahme 1948 5050-50
Nog zo’n verdrietig beeld: Die Zerstörung im Hamburger Hafen. Hamburg wurde durch britisch-amerikanische Bombenangriffe, besonders im Juli-August 1943, zu über 50% zerstört |Aufnahme 1948 | 5050-50 | Bundesarchiv CC BY-SA.

Do not mention the war

De oorlog is hier nog wel ‘een dingetje’. Dat valt ook wel te verwachten, maar het valt me toch steeds weer op hoe een oorlogscomplex juist bij jongere generaties (mensen van mijn leeftijd, dertigers) best een rol speelt. Ik ben overigens niet de enige die dat is opgevallen, zie het artikel van The Local Germany.

Ik zal dat nooit begrijpen, omdat ik hier niet ben opgegroeid, natuurlijk. Anderzijds zullen mijn generatiegenoten hier niet begrijpen hoe het is om in een land op te groeien dat door Duitsland bezet was. Dat lijkt me vrij voor de hand liggend, en daar is ook niks mis mee, maar als ik het te berde breng wordt me toch al gauw duidelijk gemaakt dat ik beter mijn mond kan houden. Zie ook: Do (not) mention the war.

RAF WW2 bommen
Die von der RAF verwendeten Bomben auf einem Verladeplatz während des Krieges:
vorn zwei 1.000 bzw. 500 lb schwere Sprengbomben,
dahinter eine Minenbombe HC 2.000 Mk.I, dann eine HC 4.000 Mk.III oder Mk.IV „Cookie“ Luftmine. Auf dem großen Transportwagen hinten ein aus drei 4.000er „Cookies“ bestehender „Blockbuster“ (HC 12.000 LB).

9 gedachten over “Bescheiden vorderingen in een soms tegengewerkt onderzoek

    • Tnx, Anneke! Het blijft een wondere wereld 😉 (hoewel ik in het archief op een gegeven moment toch een beetje strotjeknijpneigingen kreeg bij wederom een heldenverhaal dat niets met mijn onderzoek te maken had – anderzijds voegt dat toch wel weer iets toe, voor op feestjes enzo.)

  1. Laatst heb ik een Duitse documentaire gezien over de Krieg en het viel mij op dat ze het niet hadden over Duitsland maar over nazi-Duitsland. Vond ik eigenlijk wel goed! Want het Duitsland van toen is niet meer het Duitsland van nu.

    • Da haste recht! Toch heb ik echt sterk de indruk dat ook jongere Duitsers nog steeds met een soort collectief schuldgevoel rondlopen, alsof het ook over hen gaat. Ook bepaalde uitdrukkingen zijn hier erg beladen, en tegelijkertijd zijn er uitdrukkingen die voor óns heel beladen zijn, maar die dat hier helemaal niet zijn (“Das haben wir nicht gewusst”, bijvoorbeeld, kun je hier gewoon zeggen, in NL toch echt niet – ik schrok ook toen ik het voor het eerst hoorde.) Materiaal voor een volgende post! (Die ik al heel lang wil schrijven, maar waar ik nog niet goed uit kom.)

  2. Boeiend verhaal. In een eerdere reactie wordt het onderscheid aangehaald tussen “Duitsland” en “nazi-Duitsland”. Tot een paar weken geleden zou ik het daarmee helemaal eens zijn geweest, maar nu ik het dagboek van Victor Klemperer (Tot het bittere einde) aan het lezen ben, begin ik daar weer ernstig aan te twijfelen. Uit zijn aantekeningen komt toch sterk het beeld naar boven, dat het overgrote deel van de Duitsers indertijd (tot ver in de oorlog) de Führer helemaal als “hun Führer” beschouwden en dat nazi-Duitsland dus wel degelijk het Duitsland van bijna alle Duitsers was. Hoe pijnlijk dat ook moge zijn voor de huidige generaties.

    • Ha Sijmen, dat klinkt interessant, dat boek. Dat ga ik even opzoeken. Men zegt altijd dat er in DE nu pas over de oorlog gepraat man worden, maar ik merk toch dat her bij vielen nog heel lastig is, ook al heben deze mensen zelf de oorlog niet meegemaakt en er niets mee te maken.

    • Im zeg misschien ook iets heel doms,en ik zal dit wrsch ook nooit kunnen nachvollziehen, maar ik begrijp her ‘schuldgevoel’ van jüngere generaties niet. Ik viel min niet schuldig over wat de Holländers heben uitgevreten in de VOC tijd, bv.akelig, maar dafür kann ich doch nix…

  3. Ik snap dat wel, dat die Duitsers er niet makkelijk over praten. Als mijn oma me over de oorlog vertelt (en dat doet ze vaak), dan zijn het mooie, ietwat geromantiseerde verhalen. Over de Amerikanen bij de bevrijding (met een van hen heeft ze haar hele leven contact gehouden, hij is drie jaar geleden overleden) of de keer dat ze een Engels spionagevliegtuig op het veld zag staan. Of over mijn overgrootmoeder, die in ’39 weduwe was geworden en toch maar mooi d’r mannetje stond met drie jonge kinderen. Ik probeer me altijd voor te stellen wat Duitsers aan hun kleinkinderen vertellen. Waarschijnlijk niet veel, gok ik zo. Het is namelijk niks om trots op te zijn. Niet als die oorlog je overtuiging was, maar ook niet als je erin meegezogen werd, of je wilde of niet. Ik denk dat het voor Duitsers toch altijd een beetje voelt of ze terecht staan, ook al is dat niet je insteek. Er gaat nog wel een generatie of twee overheen voordat dat enigszins weg is.

    On a lighter note: tof dat je dit onderzoek doet! Ik graaf sinds een jaar in mijn stamboom, de wildste verhalen komen in me op!

    • Dat begrijp ik op zich ook wel, maar het lijkt me zo’n last om mee te dragen en er met niemand over te praten. En als kinderen en kleinkinderen met vragen komen, lijkt dat me toch een heel onaangename spanning geven. Las toevallig vanmorgen in de bus een stuk over een rechtszaak tegen een SS-er en reacties van overlevenden erop. Even opsnorren waar ik dat ook weer gezien heb.

      En: spannend, graven in de stamboom! Dat zijn toffe onderzoeken! (die mij ook heel nieuwsgierig maken, pompom)

Een reactie plaatsen

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Als je een reactie achterlaat, ga je akkoord met de voorwaarden en privacyverklaring van Standort Hamburg.